
De jaarboeken der St. Pietersabdij vermelden dit dorp, ten jare
840, onder de schrijfwijzen :
Attingem : "Egesloga dedit ad mensam fratrum in Pago Rodanensi propre
fluviam Maris in loco qui vocatur Hattingem curtilis unius medietatum et pratellum
ubi possunt ali berbices V et wadris cap vel quicquid ibi habuit et mancipium
I nomine Idasgardis"
Addingahim : "Anno 840 Egesloga dedit res suas sancto Petro supra
mare in Addingahim."
In 992 wordt in dezelfde jaarboeken van een vrijeigen goed Atingehem gesproken,
dat door Koningin Suzanna en haren zoon Boudewijn, met eenige landen te Testereph
(ter streep, later Oostende?) aan genoemd klooster gegeven wordt : "Suzanna
regina, cum filio suo Baldwino pro anima filiæ suæ Mathildis tradidit
alodem suum, id est Attingehem, cum domibus, terris, tam arabilibus quam
pascuis..."
In 1019-1030, vinden wij Addingem in pago Flandrensi en in een diploom
van 1185, Adingem.
Een charter van 1280 noemt het dorp Adenghem; een ander, van 1330, Hadenghem.
In latere oorkonden komt o.a. voor : Haeyegem, Hayegem, Ayenghem.
Thans is de schrijfwijze Adegem of Adeghem. De gewestelijke uitspraak luidt
Aaigem, bij verkorting en verbastering van Addingahem, waarover wij een
woordje zeggen in : "den oorsprong van den naam".
|