[HOME PAGE]
Familie De Baets van Adegem

Vergelijkend DNA-onderzoek van 3 familietakken DE BAETS...

Familiewapen Mark De Baets
www.debaets.be/mark
Familiewapen Yves De Baets
www.debaets.be/yves
Familie De Baets van Adegem
www.debaets.be

Bekijk hier de vergelijkende STAMLIJSTEN van deze drie familietakken !

UZ Leuven - Forensische Geneeskunde
www.uzleuven.be/forensische-geneeskunde/forensisch-labo-dna
VERSLAG

Eind 2009 registreerden wij 3 stalen voor DNA-onderzoek:

Resultaat

Op basis van een computeralgoritme kunnen wij stellen dat deze drie haplotypes tot de Y-chromosoom haplogroep R1b behoren.

Onderlinge vergelijking van de 3 onderzochte haplotypes toont de volgende verschillen aan:

DNA-chart van 3 families De Baets
  • tussen Mark De Baets en Yves De Baets zijn er 16 verschillen aanwezig
  • tussen Mark De Baets en Geert De Baets zijn er 16 verschillen aanwezig
  • tussen Yves De Baets en Geert De Baets zijn er 7 verschillen aanwezig

Op basis van de gemiddelde mutatiefrequentie kan berekend worden hoeveel generaties geleden twee Y-chromosoomlijnen in een familie een gemeenschappelijke voorvader hebben. Voor deze berekening kan geen gebruik gemaakt worden van DYS724a/b, gezien deze Y-STR een gevoelig hogere mutatiefrequentie vertoont dan de gemiddelde mutatiefrequentie van 0,004 (1 mutatie per 250 generaties per Y-STR).

Op basis van het 35 Y-STR haplotype bekomen we de volgende waarden:

De volgende personen hebben dezelfde gemeenschappelijke voorvader (*) met een grootste waarschijnlijkheid van :
(*) TMRCA : Time to Most Recent Common Ancestor

  • Mark De Baets en Yves De Baets : 64 generaties geleden
  • Mark De Baets en Geert De Baets : 64 generaties geleden
  • Yves De Baets en Geert De Baets : 19 generaties geleden

95% Confidentie interval:

  • Mark De Baets en Yves De Baets 38 - 108 generaties geleden
  • Mark De Baets en Geert De Baets 38 - 108 generaties geleden
  • Yves De Baets en Geert De Baets 8 - 45 generaties geleden

Uit deze berekeningen kunnen we concluderen dat enkel Yves De Baets en Geert De Baets een recente gemeenschappelijke voorvader hebben.

Leuven, 22 maart 2010
Prof. Dr. Ronny Decorte
Labohoofd Activiteitencentrum Forensische Genetica en Moleculaire Archeologie
Forensische Geneeskunde UZ Leuven

 

Haplogroep R1b

Bron: National Geographic - Genographic Project

R1b-kaart

Haplogroep R1b is een afstamming die gedefinieerd wordt door de genetische merker M343. Deze haplogroep is de laatste in een genetische afstamming die ongeveer 60,000 jaar geleden werd aangevat met een veel oudere Y chromosoom merker M168.

De zeer wijd verspreide merker M168 kan worden toegewezen aan een enkele persoon: de "Eurasische AdamĒ. Deze Afrikaanse man leefde ergens tussen 31,000 en 79,000 jaar geleden. Hij is de gemeenschappelijke voorvader van iedere niet- Afrikaan die vandaag leeft. Zijn nakomelingen migreerden weg uit Afrika. Het is ook de enige overblijvende afstammingslijn die tot vandaag voortleeft buiten Afrika, waar de wieg van de mensheid stond.

Tijdens het Vroege Paleolithicum was er een zeer sterke groei van de M168 afstamming. Voor overleving was een uitbreiding van en zoektocht naar nieuwe jachtgebieden essentieel. Een periode met vochtig en gunstig klimaat had het leefgebied voor wild en andere jachtdieren sterk vergroot. De nomadische bevolkingsgroepen hebben wellicht gewoonweg deze dieren, hun belangrijkste voedingsbron, gevolgd.

Betere gereedschappen en rudimentaire kunst zijn typisch voor deze periode, een duidelijk teken van geestelijke ontwikkeling en gedragsveranderingen. Deze veranderingen zijn wellicht deels ook een gevolg van een verdere genetische mutatie die de afstammelingen van de "Eurasische Adam's" een kennisvoorsprong gaven tegenover andere nu uitgestorven tijdgenoten.

90 tot 95% van alle niet-Afrikanen stammen af van de tweede grote migratiegolf weg uit Afrika. Deze groep heeft de kenmerkende merker M89 in het Y-chromosoom.

De M89-merker duikt 45,000 jaar geleden voor het eerst op in Noord-Afrika en het Midden Oosten. M89 komt bovenop de originele lijn (M168) van de "Eurasische Adam" en is kenmerkend voor een grote landinwaartse migratie van jagers die de sterk uitgebreide graslanden en het overvloedig aanwezige wild volgden doorheen het Midden Oosten.

Veel mensen van deze afstamming bleven ook in het Midden Oosten wonen; anderen trokken steeds verder - eerst naar de nieuwe graslanden via het huidige Iran, en dan naar de uitgebreide steppen van Centraal AziŽ. De rijke kuddes met buffaloís, antilopen, harige mammoets en ander wild waren wellicht de voornaamste reden om deze nieuwe graslanden te exploreren.

In deze periode was beduidend meer water vastgevroren in massieve ijsvlaktes. De steppes waren enorm uitgestrekt: van het huidige oosten van Frankrijk tot aan Korea. De graslandjagers van M89-afstamming reisden zowel oost- als westwaarts verder door deze makkelijk bereisbare steppen. Uiteindelijk was zowat het hele continent bewoond.

Een andere, kleine groep met M89-afstammelingen trok noordwaarts weg uit het Midden Oosten via AnatoliŽ richting de Balkan. Hierbij verkenden ze ook bossen en hoger gelegen gebieden. Hoewel het aantal mensen in deze groep wellicht beperkt was, zijn er tot vandaag nog steeds genetische sporen van terug te vinden.

Ongeveer 40,000 jaar geleden werd in Iran of zuid Centraal AziŽ een man geboren met de unieke nieuwe genetische merker M9. Deze persoon ligt aan de basis van een nieuwe lijn afstammelingen uit de M89-groep. Afstammelingen van deze man hebben in de daaropvolgende 30,000 jaar zo goed als de hele aarde veroverd en bevolkt.

De meeste inwoners van het noordelijk halfrond stammen af van deze man en dragen dus zijn unieke genetische merker M9. Bijna alle Noordamerikanen en Oostaziaten hebben deze M9 merker, ook zo de meeste Europeanen en zeer veel IndiŽrs. De haplogroep K met deze M9 merker is bekend als de Eurasische Clan.

Deze grote groep afstammelingen is geleidelijk uitgezwermd. Seizoenjagers volgden de kuddes oostwaarts doorheen de uitgestrekte Eurasische steppe, tot bij de massieve bergketens in zuid Centraal AziŽ, die verdere migratie blokkeerde.

De Hindu Kush, Tian Shan, en Himalaya waren nog dominanter in de toenmalige ijstijd. De oostwaartse migratiestroom splitste vanaf hier weer verder. De volgende migratie doorheen de regio van het Pamir gebergte is weer te herkennen aan bijkomende genetische merkers.

Ongeveer 35 tot 40,000 jaar geleden verschijnt voor het eerst de M45 merker bij een man die de gemeenschappelijke voorouder is van de meeste Europeanen en bijna de gehele originele bevolking van Noord en Zuid Amerika. Deze ene man behoorde ook tot de M9 groep die migreerde naar het noorden van de Hindu Kush bergketen naar de wildrijke steppen van Kazakhstan, Uzbekistan, en zuid SiberiŽ.

De M45-lijn overleefde in deze noordelijke steppen zelfs gedurende het zeer onvriendelijke klimaat van de heersende IJstijd. Zelfs met een rijkelijk aanbod van grootwild was het voor deze jagers een noodzaak zich aan te passen aan een toenemend vijandige omgeving.

Ze richtten de eerste schuilhutten van dierhuiden op, en waren de eersten die waterdichte pelsen kleren maakten. Dezelfde populatie verfijnde de techniek voor het maken van speerpunten; de veel beperktere beschikbaarheid van obsidiaan en andere grondstoffen maakte dit noodzakelijk.

Een hoger intelligentieniveau in deze lijn was wellicht een essentieel element voor het succesvol overleven in moeilijke omstandigheden. Er zijn geen andere afstammelingen bekend die deze lange en moeilijke periode in dit grote gebied hebben overleefd.

Leden van haplogroep R zijn afstammelingen van de eerste mensen die in Europa nederzettingen hebben gesticht. Deze lijn is te herkennen aan de M173 merker in hun Y chromosoom. M173 is kenmerkend voor de groep die westwaarts trekt van de M45-dragers die afstammen van de Centraal Asische steppejagers.

De afstammelingen van M173 kwamen reeds circa 35,000 jaar geleden aan in Europa. Onmiddellijk lieten ze indrukwekkende en typische sporen na. De beroemde grotschilderingen zoals in Lascaux en Chauvet zijn kenmerkend voor de plotselinge aankomst van mensen met artisitieke aanleg. Vóór deze periode zijn geen artisitieke werken of aanduidingen ervan bekend.

Vrij kort na hun aankomst in Europa kwam ook een einde aan het tijdperk van de Neanderthalers. Genetische informatie bewijst dat de Neanderthalers hominiden waren, maar zelf geen rechtstreekse voorouders van de mensen zijn. Het is evolutionair een doodlopende lijn.

Slimmere afstammelingen van M173, met meer middelen, hebben wellicht de Neanderthalers weggeconcurreerd in de voortdurende strijd voor de beperkte middelen die in de heersende ijstijd ter beschikking waren. Dit leidde tot het einde van de Neanderthalers.

De verdere migraties van deze groep werden sterk bepaald door de langere ijstijden in de volgende periode. Gedwongen door de ijzige klimaatomstandigheden trokken de mensen naar meer zuidelijke gebieden in het huidige Spanje, ItaliŽ en de Balkan.

Jaren later trokken ze weer noordwaarts weg uit deze meer geÔsoleerde zuidelijke streken. Dit leidde tot een zeer sterke verspreiding van de M173 merker in een redelijk beperkt gebied.

Vandaag bijvoorbeeld, blijft deze M173 merker zeer sterk verspreid in het noorden van Frankrijk en op de Britse eilanden, waarheen het werd gebracht door M173- afstammelingen die gedurende de IJstijd in Spanje woonden.

Leden van de haplogroup R1b met de meest recent merker M343 zijn de rechtstreekse afstammelingen van de vroegste bekende moderne mensen in Europa. Ze zijn bekend als de Cro-Magnonmensen.

Cro-Magnons kwamen zowat 35,000 jaar geleden in Europa aan. Toen leefden er nog Neanderthalers in deze streek. Dragers van de M343 maakten reeds geweven kleren en bouwden hutten om in het onvriendelijke koude klimaat van het Vroeg Paleolithicum te overleven.

Ze gebruikten ook meer geavanceerde werktuigen van steen, been en ivoor. Juwelen, sculpturen, en andere complexe, kleurige grotschilderingen zijn een bewijs van de verrassend geavanceerde cultuur van deze Cro-Magnons gedurende de laatse IJstijd.

Zodra de ijsgrens meer naar het noorden verschoof werden de meer noordelijke gebieden in Europa opnieuw gekolonizeerd door een genetisch vrij homogene groep. Deze groep is ook vandaag de overwegende groep in dit gebied. In zuidelijk Engeland behoort zowat 70% van de bewoners tot deze R1b groep. In delen van Spanje en Ierland is dat zelfs meer dan 90%.

Binnen deze R1b haplogroep zijn er uiteraard vele deelafstammelingen die nog niet in genetisch detail zijn onderzocht. Een van de doelstellingen van het Genographic Project is meer klaarheid te brengen in verschillende subgroepen van deze bijzondere Europese lijn.